Lars is nu al weer een maand weg. Hij lijkt wel maanden. Over een maand is hij weer thuis. Wat kijk ik er naar uit. Ik mis zijn lach, zijn goede humeur, zijn boze buien, zijn vele was, zijn tekortkomingen, onze gesprekjes samen, onze ruzies, onze taxiritjes en ik kan nog veel meer verzinnen. Toch gun ik hem deze geweldige ervaring in Engeland. Het is zo dubbel. Toch ben ik blij, dat hij weer volgende maand weer thuis komt. Ik wil er nog niet aan denken, dat hij waarschijnlijk in november voor een half jaar naar Engeland vertrekt. Ik denk dan, dat ik maar een verfrissingscursus Engels ga volgen, want dan weet ik niet zo zeker of ik vroeg of laat een Engelse schoondochter en kleinkinderen krijg. ha ha.
Stuur door
Dit is niet OK